Rekenkamercommissie ter discussie
De raad kwam niet tot een gezamenlijk standpunt over de positie van de Rekenkamer. Vooral twijfels over de onafhankelijkheid en objectiviteit dreven partijen in hun standpunt- bepaling uiteen.
Het afgelopen jaar was er nogal wat te doen geweest rond de Rekenkamercommissie.
Gedoe rond het onderwerp handhaving permanente bewoning recreatiewoningen leidde bij de VVD tot een felle afkeurende reactie. Daarnaast stelde D66 de onafhankelijkheid van de commissie ter discussie.
De Rekenkamercommissie had voor deze raadsvergadering zelf een discussienota geschreven. Het ging over eigen positie, vooral over de taken, het budget en de samenstelling. Ter toelichting: het gaat om een commissie, bestaande uit een externe voorzitter en een vertegenwoordiging uit de gemeenteraad ( 1 lid per fractie) , die ieder jaar één of enkele onderzoeken pleegt over de gemeentelijke activiteiten (b.v. onderhoudsbeleid van wegen, effectiviteit van subsidiebeleid) en daarover rapporteert aan de raad.
De PvdA kon zich helemaal vinden in de lijn van de notitie. In de eerste plaats is het een gegeven dat de wet in iedere gemeente een Rekenkamer eist. Een slapende commissie zonder budget is geen optie. Dat zou een bestuurlijke fake vertoning zijn. Budgetvermindering van € 37.000,- naar € 28.000,- (voortaan nog maar 1 onderzoek per jaar) is alleszins reëel. En aan de samenstelling van de commissie hoeft wat de PvdA betreft vooralsnog niet te worden getornd. Een kritische vinger aan de pols is voldoende. Het was immers nog maar een paar jaar geleden dat de commissie een prima “rapportcijfer” kreeg bij de evaluatie. En het incident rond het onderwerp recreatiewoningen was voor de PvdA onvoldoende aanleiding om de Rekenkamercommissie om zeep te helpen. En daaraan doet voor de PvdA ook niet af dat de beide andere oppositiepartijen – ieder om eigen redenen – zijn uitgestapt.
Reageer
Om te reageren moet je geregistreerd zijn als MijnPvdA gebruiker.
Spelregels
Wachtwoord of Gebruikersnaam vergeten?